Van toepassing op products:

Location:

De familie Brink koos voor de MR-D1™:

“Deze melkrobot scheelt uren werk per dag”

In het uiterste puntje van Nederland, het Groningse Midwolda, woont het gezin Brink: Han en Irma met hun zoons Jordy, Rick en Steffan. Ze bemannen het boerenbedrijf dat ze in 2001 overnamen van Irma’s ouders. Han, die zelf ook opgroeide op een boerderij, runt de melkveehouderij – daarbij geholpen door Irma, die echter ook de zorg voor de kinderen en het huishouden op zich neemt. In de stal staat een grote blikvanger: de MR-D1™, oftewel een dubbele box.

Net als bij zoveel andere klanten van BouMatic Robotics kwamen ook Han en Irma op een punt waarop ze een keuze moesten maken. “Onze melkstal was aan vervanging toe”, steekt Han van wal. “Die was in 1990 voor de laatste keer gerenoveerd, maar nu echt aan zijn einde. Mijn broer werkte al met een melkrobot en raadde dat ons ook aan. Het zou een hele verandering zijn, waarschuwde hij, maar voegde daaraan toe dat de robot hem veel tijd bespaarde. Net als wij heeft hij ook kinderen die op voetbal zitten, en vertelde dat hij nu eens weg kon om daar te gaan kijken. ‘En als je op zondag visite hebt’, zei hij tenslotte, ‘hoef je niet per se om half vier weer aan het werk, maar kunt gewoon blijven zitten!’ Het klonk verleidelijk. Daarnaast merkte ik dat ik steeds vaker last had van mijn rug en schouders na het melken. Een melkrobot werd een steeds serieuzere optie.”

Maar ook een grote aankoop, dus liet het echtpaar Brink zich goed voorlichten. “We zijn eerst eens op een middag gaan kijken in Zoeterwoude, waar al een melkrobot draaide. Daar waren we flink onder de indruk. Van de techniek, maar ook van hoe snel de koeien aan de box gewend waren geraakt”, zegt Han. En Irma herinnert zich: “Er bleek een klein mankement te zijn aan een tepelbeker, waardoor de deur van de machinekamer even open moest. Na het sissende geluidje dat dat veroorzaakt, liepen de koeien even weg van de box. Na het geluid dat aangaf dat de box weer in werking trad, kwamen ze meteen weer terug. Ze wisten dat al precies! En dat hebben onze koeien inderdaad ook snel doorgekregen.” Ze vervolgt lachend: “We zien onze koeien soms zelfs tegen de robot praten, zo van: ‘Mag ik nu gemolken worden?’ Dat is een grappig gezicht.”

Kleiner prijskaartje

Al snel waren ze erover uit: het zou een dubbele box worden. “We hebben negentig koeien, en er passen er honderd in de stal. Daarbij wordt hier flink gemolken; we hebben een productie van 9500 liter. Een enkele box zou te weinig zijn; daarop kunnen maximaal zestig koeien. Het was dus kiezen tussen twee enkele of een dubbele box.” De vorm van de stal speelde een grote rol in de beslissing, legt Han uit: “We hebben een twee-plus-twee-rijïge stal, dat wil zeggen aan elke kant twee rijen boxen. Het gebouw is breed, maar niet zo lang. De vertegenwoordiger van BouMatic Robotics legde ons uit dat de ruimte krap zou zijn voor twee enkele boxen. Een dubbele box was de perfecte oplossing. En, ook niet onbelangrijk, die kwam met een kleiner prijskaartje dan twee losse.”

Wat ze aansprak in het systeem van BouMatic Robotics was het melken tussen de achterbenen door. Irma: “Bij alle andere robots die we hebben bekeken, gebeurt dat vanaf de zijkant en heeft de koe er dus meer last van. Zodra de tepelbekers zijn aangesloten, gaat de arm van de robot onder de koe weg. Dat leek ons beter voor ze.” Maar er was nog veel meer dat hen aansprak, vertelt Han: “Dit is een degelijke machine, van roestvrij staal. De box is compleet: er zit een dak op en een muur omheen. Je kunt hem zo in de stal zetten en inpluggen; plug & play noemen ze het ook. Bij andere merken zou er veel meer aan onze stal moeten worden aangepast. Daarnaast is dit model betrouwbaar. Je moet een machine hebben die 23 uur per dag kan werken en niet kapot gaat. Als dat toch een keer gebeurt, moet het in twee tellen verholpen zijn. Dat is bij deze robot het geval. Als je in de machinekamer kijkt en ziet wat daar voor apparatuur in zit is het allemaal heel eenvoudig en logisch opgebouwd: een kind zou bij wijze van spreken een nieuwe slang kunnen aansluiten.”

Koeien lokken

Eind februari van dit jaar was het zo ver: de MR-D1™ werd geplaatst in de stal. Irma herinnert het zich nog goed. “Een paar dagen lang was het een drukte van jewelste, toen de robot werd geïnstalleerd. De voerbuizen en melkleidingen werden aangesloten, enzovoorts. Dat weekend hebben we hem al gebruikt als voederbox, om zo de koeien er alvast naartoe te ‘lokken’.” Toen ontdekte het echtpaar Brink nóg een groot voordeel van de dubbele box, vertelt Han: “Als er één koe in staat, gaat er makkelijker ook een aan de andere kant in. Gelukkig, want die eerste stap, daarvoor moet je echt een stoere koe hebben. Maar koeien willen bij elkaar staan, dus als de eerste binnen is, volgt de andere ook snel. Dat merken we nu ook na de reiniging, als de robot weer opstart.”

Het wennen van de koeien aan de robot is ze achteraf meegevallen, vertellen Han en Irma nog zichtbaar opgelucht. “Binnen twee dagen ging tweederde van de koeien vanzelf de box in om brokjes te eten. Dat ging dus erg snel.”Lachend vervolgt Han: “De rest hebben we er op zondag nog zelf een keer in geduwd om te laten zien wat de bedoeling was. Maandagochtend hebben we de koeien nog een keer gemolken met de oude melkstal, en die middag hebben we de box volledig in gebruik genomen. De eerste keer sloten we met de hand de tepelbekers aan. We begonnen rond half twee, en hadden uitgerekend dat we ’s avonds om half elf klaar zouden zijn met de laatste van onze tachtig koeien. Maar om acht uur waren ze er allemaal al door! Daarna begonnen we om half vier ’s nachts met de volgende ronde.” Want, geeft ook Irma toe: “De eerste dagen zijn intensief; we zaten meer in de stal dan erbuiten. De koeien, wij zelf, onze omgeving: iedereen moest aan het nieuwe proces wennen. Maar het ging zo snel; uiteindelijk zijn we eigenlijk maar twee nachten om de beurt in de stal gebleven. Daarna moesten de koeien het zelf gaan doen, en dat deden ze gelukkig prima. De dealer van BouMatic Robotics waarschuwde vooraf dat we er vanuit moesten gaan dat de opstartfase erg zwaar zou worden. Dat is ons achteraf 100% meegevallen. We hebben er ook van genoten en gewoon de tuintafel achter de robot neergezet. Daar dronken we koffie en aten soep terwijl we tegelijk alles in de gaten konden houden. Wij zijn nu eenmaal koeienmensen en zijn het liefst in de stal.”

Deur dicht!

De tuintafel staat er nog steeds, lacht Irma: “Soms gaat er iemand die hier op bezoek is, op de tuinstoel achter de robot zitten en lekker een tijdje kijken hoe het allemaal werkt. Onlangs was er een buurman die al in de machinekamer stond en riep: ‘Dat ding doet helemaal niks!’. Nee, je moet ook niet de deur opendoen, dan stopt hij. Maar ik heb al een sticker besteld om op de deur te plakken. Daarop staat dat die altijd dicht moet blijven. Het feit dat alles stopt zodra de deur opengaat is trouwens een goede beveiliging, vooral als je zoals wij drie kinderen hebt rondlopen. Dat hebben we ze meteen geleerd: die deur mag niet open!” Schaterend: “Ze halen nog steeds van alles uit, maar daar blijven ze wel weg. Al vinden ze de robot prachtig.
Spannend ook, wat wij allemaal aan het doen waren en zijn. Ze moesten in de periode dat de robot werd geplaatst wat vaker overblijven op school, omdat al onze tijd in de nieuwe situatie ging zitten. En we wilden niet dat onze beslissing voor deze robot op straat kwam te liggen voordat alles in kannen en kruiken was. Maar bij kleine kinderen houd je niets geheim. Je kunt zeggen dat ze ergens niet over mogen praten, maar zodra ze op school komen gooien ze eruit waar ze vol van zijn. Daarom hebben we ze er in de besluitfase zoveel mogelijk buiten gehouden.”

Samen ontbijten

Nu mag iedereen het weten: Han en Irma zijn dolblij met hun melkrobot. De machine heeft hun leven veranderd, vertellen ze uitgelaten. De koeien staan een stuk rustiger in de stal, iets wat andere gebruikers ook hebben ervaren. Net als de verhoogde melkproductie, omdat de koeien vaker gemolken kunnen worden. Maar ook op persoonlijk vlak heeft de robot effect, zegt Han: “Tegenwoordig zit ik zes dagen per week ’s morgens om kwart voor acht met de kinderen te ontbijten. Vroeger lukte dat nooit, dan was ik van zes tot een uur of negen aan het werk met melken, kalfjes voeren, boxen schoonmaken en dergelijke. Dat was gewoon de ochtendronde, dan kwam ik om negen uur binnen om te eten en koffie te drinken en ging om kwart voor tien weer naar buiten. ’s Middags was ik van half vier tot half zeven, of zelfs iets later, bezig. Dan hadden mijn vrouw en kinderen al gegeten; toen ze kleiner waren kon ik ze dan net nog een kus geven voordat ze gingen slapen. Nu kan ik rekening houden met hoe laat zij eten en ervoor zorgen dat ik bij ze aan tafel zit. Ik kom niet meer alleen op zondag het vlees snijden, haha.”

En, ook niet onbelangrijk: Han kan vaker eens van zijn boerderij áf. “Laatst stond ik om kwart voor negen langs het voetbalveld waar twee van onze jongens speelden. Dat was vroeger onmogelijk geweest. Ze wonnen ook nog, dus de vreugde was compleet. Want zij vinden het prachtig als papa komt kijken en ik doe het graag. Ik ben ook al een hele dag weggeweest voor een wedstrijdje vee beoordelen hier in de buurt. Voorheen had ik dan voor de volgende melkronde weer thuis moeten zijn, of een melker inhuren. Maar ja, die kost geld. De robot is betaald, is nooit ziek of chagrijnig en komt geen dag te laat.” Door de robot heeft Han niet alleen tijd over, maar kan de uren dat hij werkt ook flexibeler indelen, legt hij uit: “Onlangs gingen we naar het Megapiraten Festival, hier verderop. De kinderen hadden we uitbesteed en het werd flink laat. De volgende ochtend heb ik om kwart over zes even gecheckt of alles rond de robot goed liep, en ben toen nog lekker even een uurtje mijn bed in gedoken!”

Melken missen

Genoeg voordelen, maar zitten er ook nog nadelen aan de box? Han kan ze even niet bedenken. “Nog niet, maar daar is het misschien nog iets te vroeg voor. Ik heb er tot nu toe geen dag spijt van gehad. Meerdere mensen hebben gevraagd of ik het melken niet mis, en zeggen dan dat ik dat altijd bij hem mag komen doen, haha. Dank, maar ik mis het niet. Wel merk ik dat ik op een andere manier met mijn veestapel bezig ben. Voorheen kwamen de koeien twee keer per dag door de melkstal, dan zag ik ze en kon zien of er iets mis was. Nu moet ik bewust een rondje door de stal lopen om te bekijken of er koeien zijn die iets mankeren, Maar daarin word ik wel geholpen door de melkrobot, die elke afwijking in hun ritme nauwkeurig vastlegt.”

Hoewel geen nadelen, zijn er wel twee elementen van zijn werk veranderd, zegt Han: ten eerst is hij in plaats van ’s ochtends, ’s avonds zijn koeien gaan voeren. “Dat zorgt ervoor dat ze ook ’s nachts langs de robot komen en die dus zo efficiënt mogelijk gebruikt wordt. Daarnaast gaat er iets meer tijd zitten in het schoonmaken van hun boxen; voorheen gingen alle koeien tegelijk naar de melkstal,en kon ik in de tussentijd alle boxen in één keer schoonmaken. Nu zijn er altijd nog koeien aanwezig en moet ik terugkomen voor de rest van de boxen. Ik loop nu vier keer per dag tussen de koeien door; voor controle en om schoon te maken. Maar nog steeds houd ik uren over vergeleken met vroeger.”

In de omgeving is de melkrobot van de familie Brink nog steeds een bezienswaardigheid, vertelt Irma. “Zoveel van deze boxen zijn er nog niet; wij zijn de eerste in Noord-Nederland die hem gebruiken.” Ze begint te grinniken: “Sommige burgers vragen hoe dat nu gaat, zo’n robot. De meeste mensen hebben bij dat woord een associatie met zo’n mannetje dat rond beweegt. Of die robot achter de koeien aan loopt, vragen ze dan. Waarop wij uitleggen dat het toch echt andersom is. Ook veel boeren uit de omgeving zijn benieuwd en willen wel eens zien hoe het melken in z’n werk gaat. Nou, dat mag: in juni hebben we zelfs een open huis gehouden. We zijn trots op onze nieuwe aanwinst en iedereen mag hem zien!”